client als gastheer

Waarom ik als hulpverlener zit te niksen (terwijl mijn cliënt kookt)

Gastpost door Peter Dierinck

Het lukt me niet om echt contact met hem te krijgen. Slechts één op de drie keer laat hij me binnen, als ik aanbel. Hij staart wat voor zich uit. “Ik praat nu. Ik hoor mezelf. Ik luister… praten omdat… praat ik nu?… de hele nacht niet geslapen. De stemmen. Ze… ” Ik voel hoe verbrokkeld dit spreken is. Iets van mijn bezorgdheid moet op mijn gezicht te lezen zijn. Hij kijkt weg. Het gesprek valt helemaal stil. Zijn familie is zeer ongerust. Af en toe maakt hij dingen stuk. Glazen deuren, achteruitkijkspiegels van auto’s.

Croque monsieur

Tijdens één van de gesprekken waarin het iets beter loopt kan hij aangeven dat hij graag kookt. Ik denk dat gezelligheid in zijn huis ons verder zou kunnen brengen. Ik stel voor om de volgende keer croque monsieur te maken. Als ik met kaas, hesp en brood bij hem aanbel laat hij me voor de deur staan. Achteraf vertelt hij dat hij me had zien wegfietsen en dat hij wat medelijden voor mij had gevoeld.

Ik krijg de gelegenheid hem vaker te spreken als hij gedwongen wordt opgenomen in een instelling. Tijdens één van de gesprekken zegt hij dat hij het vervelend vindt dat zijn frigo steeds leeg is als hij thuis is en hij vraagt mij of ik aan zijn bewindvoerder kan vragen of ik geld voor hem kan af halen. Dan kan ik samen met hem winkelen. Ik organiseer in een instelling in de buurt van zijn woning een rekening waarop het geld kan gestort worden, en haal het wekelijks af net voor we samen boodschappen doen.

Ik herneem nu mijn oude idee rond gezelligheid en ik stel hem voor om samen te koken. Ik vraag hem of ik de aardappelen kan schillen of de groenten kan klaarmaken. Hij zegt me om te gaan zitten en begint het eten klaar te maken. Als hulpverlener voel ik me erg ongemakkelijk.

Mijn cliënt maakt eten voor me klaar en ik zit hier zonder iets te doen

Mijn zorgreflex wordt door hem stil gelegd. Ik laat het gebeuren. Hij moet iets van mijn ongemakkelijk gevoel hebben gemerkt en schuift me wat weekbladen toe zodat ik ondertussen wat te lezen heb. Ik doe wat hij me vraagt. Onze gesprekken lopen merkelijk beter als ze gebeuren als pauzemomenten tijdens het koken. Er is minder sociale druk voor hem als hij zelf het gesprek weer even kan stil zetten om na te gaan of de aardappelen al gaar zijn. En… hij kookt nu ook op andere dagen voor zichzelf.

Hij zegt dat het de eerste keer is dat hij ook thuis voor zichzelf kookt

Vroeger deed hij dat heel vaak als therapie in psychiatrische instellingen. Eens weer thuis deed hij het niet meer. Nu ik er ben, als gast, voelt hij zich gastheer in zijn woning. Mijn bezoek bij hem, op deze manier, zorgt ervoor dat hij zijn woning bewoont en dat hij mij ontvangt. Het is het omgekeerde van het werken op een afdeling waar de hulpverleners de gastheren zijn, en de cliënten de gasten. Daar is het de hulpverlener die in het beste geval een basisgevoel van veiligheid creëert door het gezellig te maken op de afdeling.

Onze job als zorgverlener aan huis gaat dus allerminst over het creëren van gezelligheid

Maar over het tot stand brengen van een verhouding gastheer-gast. Is dit niet de basis voor hulpverleners voor het aan huis komen bij mensen? Ik heb me dit door hem laten leren. De crisissen zijn niet helemaal verdwenen maar we hebben een goede verstandhouding. Hij belt me op en vraagt hoe het met mij gaat. Zo’n  verstandhouding is de noodzakelijke voorwaarde voor verandering.
client als gastheer

Peter Dierinck is psycholoog-casemanager in het Mobilteam Gent-Noord (een Factteam). Hij is ook Kwartiermaker in Gent en in Sleidinge (België)
Meer van hem kun je lezen op zijn facebookpagina

7 comments

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge